Geplaatst in Liefde. Veel liefde

Poehwatishetwarmhebjijhetnietwarm?

Loesje zon

 

‘Poehwatishetwarmhebjijhetnietwarm?’
Op kantoor het gesprek van de dag.
‘Nee, je moet niet teveel koud water drinken. Dat is heel slecht voor je.’
‘Ik zweet me dood zeg.’
‘Is het cool op jouw kamer?’
‘De airco doet het niet.’
En de ergste:
‘Wat is het heerlijk om naar het toilet te gaan. Alleen al omdat het daar zo koel is.’

In Nederland is het twee dagen mooi weer en De Mensen. U weet wel. De Mensen. Van die figuren zoals u en ik. Ze zeuren zo. Mensen, kijk naar de zon en straal.

Ik houd het trouwens wel kort hoor. Dit blogje. De hitte hé.

Geplaatst in Liefde. Veel liefde

Hoofd vol werk

vol hoofd

Met mijn hoofd vol werk, fietste ik naar huis. Thuis ging ik vrolijk verder. Ik checkte om de minuut mijn iPhone op mail van mijn werk, haalde de post uit het postvak, deed reclame bij het oud papier en pakte de gemarineerde kip uit de koelkast. Ik piekerde over mijn week en hoe ik die het best kon invullen. Ik sneed de groente, checkte mijn iPhone, deed de kip in de pan en brandde mijn hand aan een opspattende spetter olie. Ik deed mijn jas uit, zette mijn tas weg, checkte mijn iPhone en deed de deur open. Meteen ging ik door mijn knieën.
Een lach van oor tot oor.
‘Mama!’
Het piepkleine mannetje wandelde in mijn armen. Zijn broer in zijn kielzog en ik in het nu.

Geplaatst in Liefde. Veel liefde, Pieken en dalen

Dat je ineens keiharde ruzie hebt

ruzie

Ineens hadden we ruzie. En niet zo’n beetje. Hij rende briesend door het huis, terwijl ik rustig probeerde te blijven. En dat was niet makkelijk. Ik vond hem namelijk zo onredelijk, zo egocentrisch en zo aanstellerig reageren dat ik de neiging moest onderdrukken het huis uit te lopen en de deur achter me dicht te slaan. Maar ik vond dat ik weer eens de verstandigste moest zijn.
Zoals altijd.
Hij wist niet wat hij wilde en voelde zich onbegrepen. Terwijl ik het nogal ergerlijk vond dat hij de ene keer het één en dan weer het andere vroeg. Op het moment dat hij op de grond lag te gillen, ging ik naar hem toe en probeerde ik hem gerust te stellen. Ja, hallo.
Hij is drie. Hij was moe en wilde niet douchen. Terwijl ik vond dat dat moest. Ik ben nu eenmaal zo’n rotmoeder.

Toen hij frisgedoucht op ons grote bed zat, met een dik en nieuw verhalenboek tussen ons in, zei hij het.
‘Mama, zijn we weer vriendjes?’
Er gebeurde iets rondom mijn hart.
‘Natuurlijk zijn we weer vriendjes lieverd. Zullen we de brandweermannetjes weer lezen?’
‘Ja maar. Ja maar mama…’
‘Ja schatje’.
‘Sorry. Sorry dat ik ruzie heb gemaakt.’
Hij keek me recht aan en mijn keel zat dicht.
‘Nu moet jij ook iets zeggen mama.’ Zijn gezicht kwam heel dicht bij dat van mij.
‘Het spijt mij ook. En ik vind het lief dat je dat zegt.’
Het lukte me iets te zeggen zonder een traan te plengen.
‘Kom mama. We gaan lezen.’

Geplaatst in Liefde. Veel liefde

Je kunt het mooi bedenken

img_4428

Als je met kinderen ergens naartoe gaat, luisteren ze. Verder eten ze hun bord leeg en kijken ze altijd vrolijk. Ook als iemand ineens in hun koddige wangetje knijpt. Als je kinderen hebt, bedenk je van tevoren precies hoe de dag eruit gaat zien. Dat je bijvoorbeeld in de ochtend wegrijdt, gezellig bij opa op de koffie gaat en samen met opa en oma luncht. Daarna kan het kleinste kotertje lekker slapen in de auto. Hij wordt vooral niet moe tijdens de lunch. Hij stopt geen gehaktballen in zijn glas melk en er gooit ook niemand een kan met water over het eten.

Je kunt het mooi bedenken. Dat kan ik inderdaad heel goed. Samen met mijn eigen moeder had ik een mooi plan voor de maandag. Het zou een dag met een gouden randje worden. Het begon allemaal veelbelovend hoor. Dat moet ik eerlijk zeggen. Mijn kinderen zijn geen monstertjes. Het zijn gewoon kinderen. Kinderen die het saai vinden bij opa op zijn kamer. Ze willen rennen. Racen over de gang. Maar dat is niet netjes, want de mensen die in het verpleeghuis zitten, vinden het echt niet tof. Twee van die gillende kinderen door de tent. Naar buiten dan maar. O shit, het regent. Hadden ZE dat voorspeld dan? Even wachten. Filmpje op YouTube. Deze jongen redt mij ook wel eens uit de brand. Ach, het regent niet meer. Opa en oma naar buiten en moeke met de twee kinderen er achteraan. Bedenk dan niet dat kinderen met fietsjes zich exact bewegen waar jij het bedacht had. De één stuift er als een dolle vandoor en de ander stopt bij elk takje, bloemetje of hondje. En daarna waren de heren moe. Jengelig, drammerig en kapot. Alles. Toch maar naar de lunchtafel. En o, wat zijn we blij dat het makkelijke eters zijn. Maar vertelt u eens: heeft u zin om te eten als u op het punt van instorten staat?

Kortom. Voor het toetje besloot ik om weer naar Utrecht te rijden. En opa en oma vonden het niet erg hoor. Die hebben van het toetje genoten. In alle rust.